zondag 10 augustus 2014

Dagje ambassade

Om half tien ’s ochtends stonden twee meisjes voor de Nederlandse ambassade in Lissabon. De wind speelde met hun jurkjes, waaide hun haar in de war. Het plan was om even naar de ambassade te gaan en het nooddocument op te halen. Gewoon even tien minuutjes. Naar binnen en naar buiten. Zoals je doet bij een festival toilet of een stinkend gymlokaal. Gewoon even snel. Ze gingen de ambassade binnen om half tien ’s ochtends en verlieten hem om twee uur ’s middags. Zonder nooddocument.


Ons doel: het verkrijgen van een nooddocument. Een document waarmee ik naar Nederland kon reizen, aangezien mijn ID gestolen was. Iets voor half tien stonden we voor de deur van de ambassade. Voor de gesloten deur om precies te zijn. Met een zucht zakten we neer op de stenen traptreden en wachtten we. Twee Nederlandse meisjes in Lissabon, wachtend op het geluid van een deur die geopend werd.
We waren niet de enige die op de traptrede neerzakten nadat ze erachter kwamen dat de ambassade gesloten was. Er was een Chinese jongen. Een Chinese jongen genaamd Joey. Naar de personage uit FRIENDS. Hij vertelde dat hij kwam voor een visum. Twee jaar zou hij gaan studeren in Nederland. In Utrecht. Technische natuurkunde.

Met zijn drieën liepen we naar binnen toen de ambassade eindelijk werd geopend. ‘Kan ik u helpen?’ Een vrouw met een erg Den Haags accent keek ons aan vanachter de balie. ‘Hallo mevrouw. We hebben vrijdag gebeld, vanaf het politiebureau, en ons is toen verteld dat we vandaag langs moesten komen. Het gaat om een nooddocument.’ Ze keek ons aan. Bedenkelijk, in de war, alsof ze niet wist waar we het over hadden, maar ze herstelde zich snel. ‘Mag ik uw documenten zien?’ Vroeg ze. ‘Die heb ik niet, die zijn gestolen.’ ‘Uw rijbewijs dan.’ ‘Ik ben minder jarig.’ ‘Oh, oh dat verandert de zaak.’ ‘Hoezo?’ ‘Nou omdat je minderjarig bent, heb je toestemming nodig van je ouders. Heb je die?’ We kijken haar verbaasd aan. ‘Nee?’ ‘Je had vrijdag gebeld, zei je?’ ‘Ja.’ ‘Nou, je ouders moeten naar de gemeente toe en een verklaring tekenen dat jij jij bent en dat zij zij zijn.’  De stress sloeg toe. ‘Waarom is dit niet vrijdag verteld?’ ‘Ik weet het niet, meissie. De mevrouw die toen dienst had, was waarschijnlijk nieuw en dan vergeet je soms de belangrijkste dingen.’

Ik belde mijn ouders terwijl de vrouw de Chinese Portugees bij zich riep. Ik stelde mijn ouders op de hoogte van de verklaring die ze moesten tekenen op het moment dat de vrouw achter de balie Joey naar zijn reden voor visum vroeg. Ik hing op terwijl de vrouw Joey vroeg te gaan zitten en ze de papieren klaar ging maken. Mijn ouders tekenden de verklaring op het gemeente huis op het moment dat Joey zijn handtekening zette onder zijn Visum. De verklaring dat ik ik was en mijn ouders mijn ouders werd naar de ambassade gefaxt toen Joey kreeg zijn visum uitgereikt. Joey nam afscheid van ons, wij bleven achter. Druk bellend en regelend. Met onze ouders, het reisbureau en de vrouw achter de balie.


Er kwamen en gingen meerdere mensen, de tijd tikte door. Daar ging onze stranddag. Onze laatste dag Lissabon, nooit verwacht dat deze zo zou verlopen. Sanne zat op een stoel, belde met het reis bureau, praatte met de vrouw aan de balie en ging weer zitten. Ik liep rondjes door de kamer, tekende papieren, vulde formulieren in, schopte mijn slippers uit, ging zitten, stond weer op en begon weer met rondjes lopen. ‘Yana.’ De vrouw van de balie riep me bij haar. ‘Ik heb met je ouders gesproken en ik heb hier de verklaringen. Ik heb alleen nog een foto nodig en dan is alles geregeld.’ We spraken af dat we de volgende dag de foto kwamen brengen en zij ons het document zou overhandigen. Opgelucht verlieten we de ambassade en er volgde een zoektocht naar een fotograaf. Maar we vonden er een, maakten een foto en vertrokken, eindelijk, naar het strand. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen